Boost Your Productivity!Translate documents (Ms-Word, Ms-Excel, ...) faster and better thanks to artificial intelligence!
https://pro.wordscope.com
https://blog. wordscope .com

Traduction de «leeftijdsgroep 25-64 » (Néerlandais → Français) :

[15] Personen in de leeftijdsgroep 55-64 nemen vijfmaal minder deel aan onderwijs en scholing dan personen in de leeftijdsgroep 25-34.

[15] Les personnes âgées de 55-64 ans sont cinq fois moins susceptibles de participer à l'éducation ou à la formation que celles de 25-34 ans.


Het percentage mensen in de leeftijdsgroep 25-64 jaar die met goed gevolg de middelbare school hebben afgerond, is tussen 1997 en 2002 met bijna 7 procentpunten toegenomen.

Le pourcentage de personnes âgées de 25 à 64 ans qui ont terminé l'enseignement secondaire supérieur a augmenté de presque 7 points de pourcentage entre 1997 et 2002.


In de huidige EU heeft 25% van de leeftijdsgroep van 25-29 jaar en 52 % van de leeftijdsgroep van 55-64 jaar niet de tweede fase van het middelbaar onderwijs gevolgd.

Actuellement dans l'Union européenne, 25 % des jeunes de 25 à 29 ans et 52 % des personnes de 55 à 64 ans ne sont pas parvenus à ce niveau.


B. overwegende dat in het Strategisch kader voor onderwijs en opleiding 2020 (ET 2020) onder meer wordt aangegeven dat ten minste 95 % van de kinderen tussen de leeftijd van vier jaar en de leerplichtige leeftijd (lagere school) moet deelnemen aan onderwijs voor jonge kinderen, dat het percentage 15-jarigen met onvoldoende vaardigheden in lezen, wiskunde en exacte wetenschappen minder dan 15 % moet bedragen, dat een gemiddelde van ten minste 15 % van de volwassenen (leeftijdsgroep 25-64 jaar) moet deelnemen aan een leven lang leren;

B. considérant que, selon les critères de référence du cadre stratégique pour l'éducation et la formation (EF 2020), au moins 95 % des enfants entre quatre ans et l'âge de début de la scolarité obligatoire devraient participer à un enseignement pour la petite enfance, moins de 15 % des jeunes de quinze ans devraient présenter des capacités insuffisantes en lecture, en mathématique et en sciences et, en moyenne, au moins 15 % des adultes (catégorie d'âge 25–64 ans) devraient participer à des activités d'éducation et de formation tout au long de la vie;


B. overwegende dat in het Strategisch kader voor onderwijs en opleiding 2020 (ET 2020) onder meer wordt aangegeven dat ten minste 95 % van de kinderen tussen de leeftijd van vier jaar en de leerplichtige leeftijd (lagere school) moet deelnemen aan onderwijs voor jonge kinderen, dat het percentage 15-jarigen met onvoldoende vaardigheden in lezen, wiskunde en exacte wetenschappen minder dan 15 % moet bedragen, dat een gemiddelde van ten minste 15 % van de volwassenen (leeftijdsgroep 25-64 jaar) moet deelnemen aan een leven lang leren;

B. considérant que, selon les critères de référence du cadre stratégique pour l'éducation et la formation (EF 2020), au moins 95 % des enfants entre quatre ans et l'âge de début de la scolarité obligatoire devraient participer à un enseignement pour la petite enfance, moins de 15 % des jeunes de quinze ans devraient présenter des capacités insuffisantes en lecture, en mathématique et en sciences et, en moyenne, au moins 15 % des adultes (catégorie d'âge 25–64 ans) devraient participer à des activités d'éducation et de formation tout au long de la vie;


Zowel mannen als vrouwen met een hogeronderwijsgraad hadden een veel grotere kans op werk dan lager opgeleiden, maar de kloof in arbeidsparticipatie tussen mannelijke en vrouwelijke afgestudeerden van het hoger onderwijs in de leeftijdsgroep 25-64 jaar bedroeg gemiddeld in de EU-21 maar liefst 7 procentpunten (9 procentpunten voor de hele OESO).

Les perspectives d’emploi sont restées bien plus favorables pour les diplômés de l'enseignement supérieur de sexe masculin ou féminin. Toutefois, l’écart entre le taux d’emploi des hommes et des femmes diplômés de l’enseignement supérieur âgés de 25 à 64 ans atteignait jusqu'à 7 points de pourcentage en moyenne pour les 21 pays de l'UE (9 points de pourcentage pour l'OCDE dans son ensemble).


I. overwegende dat in Europa 23,9% van de personen in de leeftijdsgroep van 50 tot 64 het risico loopt van armoede, met 25,9% voor vrouwen tegenover 21,7% voor mannen; overwegende dat de cijfers in de Europese Unie variëren van 39 tot 49%, afhankelijk van het land, en dat het cijfer in één EU-lidstaat wel 51% bedraagt;

I. considérant qu'en Europe, 23,9 % de la population dans la classe d'âge allant de 50 à 64 ans court un risque de pauvreté (en moyenne 25,9 % pour les femmes contre 21,7 % pour les hommes); mais que les chiffres varient au sein de l'Union européenne, allant de 39 % à 49 % en fonction de l'État membre et culminant même à 51 % dans un pays;


Dit is het percentage van de bevolking in de leeftijdsgroep 25-64 jaar dat gedurende de vier weken vóór de enquête (Eurostat, Enquête naar de arbeidskrachten) onderwijs en opleiding heeft gevolgd.

C'est-à-dire le pourcentage de la population âgée de 25 à 64 ans ayant participé à une activité d'éducation ou de formation au cours des quatre semaines précédant l'enquête (Eurostat/enquête sur les forces de travail).


gemiddeld neemt in de Europese Unie ten minste 12,5 % van de volwassenen in de werkende leeftijd (leeftijdsgroep 25-64-jarigen) deel aan levenslang leren.

le taux de participation de la population adulte en âge de travailler (tranche d’âge de 25 à 64 ans) à l’éducation et à la formation tout au long de la vie devrait atteindre au moins 12,5 % en moyenne dans l’Union européenne.


Het werkgelegenheidspercentage stijgt naarmate het studieniveau stijgt: Voor de hele leeftijdsgroep van 25 tot 64 jaar bedroeg de werkgelegenheidsgraad van afgestudeerden van het hoger onderwijs in 2001 84%. Dat is 15 procentpunten hoger dan het gemiddelde voor alle opleidingsniveaus, en bijna dertig procentpunten hoger dan de groep die maximaal het niveau van lager middelbaar onderwijs heeft genoten.

Il est clair aussi que le taux d'emploi augmente avec le niveau d'études atteint: Si l’on considère l'ensemble de la population âgée de 25 à 64 ans, le taux d’emploi des diplômés de l’enseignement supérieur était en 2001 de 84%, soit près de 15 points de plus que la moyenne, tous niveaux d’éducation confondus, et près de 30 points de plus que les personnes ayant au maximum atteint le niveau d’éducation secondaire inférieur.




D'autres ont cherché : leeftijdsgroep     leeftijdsgroep 55-64     leeftijdsgroep 25-64     leeftijdsgroep van 55-64     hele leeftijdsgroep     


datacenter (28): www.wordscope.be (v4.0.br)

'leeftijdsgroep 25-64' ->

Date index: 2022-11-30
w