Uit de totstandkoming van de bestreden bepaling blijkt dat de wetgever niet heeft beoogd beperkingen aan te brengen aan de rechten die buitenlandse werknemers en hun gezinsleden aan de vermelde internationale akkoorden ontlenen, waartoe hij overigens ook niet eenzijdig bevoegd zou zijn.
Il apparaît de l'élaboration de la disposition attaquée que le législateur ne visait pas à apporter de restrictions aux droits que puisent des travailleurs étrangers et les membres de leur famille dans les accords internationaux précités, ce pourquoi il ne serait du reste pas unilatéralement compétent.