Uit artikel 19, derde alinea, van het Statuut van het Hof van Justitie en, met name, de term „vertegenwoordigd” volgt dat een „partij” in de zin van dit artikel voo
r het instellen van beroep bij het Gerecht voor ambt
enarenzaken gebruik dient te maken van de diensten van een derde die bevoegd is op te treden v
oor de rechterlijke instanties van een lidstaat of van een staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Ec
...[+++]onomische Ruimte.
Il ressort de l’article 19, troisième alinéa, du statut de la Cour de justice et, en particulier, du terme « représentée » que, pour saisir le Tribunal de la fonction publique d’un recours, une « partie », au sens de cet article, doit recourir aux services d’un tiers qui doit être habilité à exercer devant une juridiction d’un État membre ou d’un État partie à l’accord sur l’Espace économique européen.