Boost Your Productivity!Translate documents (Ms-Word, Ms-Excel, ...) faster and better thanks to artificial intelligence!
https://pro.wordscope.com
https://blog. wordscope .com

Vertaling van "heeft het hof van cassatie overigens geoordeeld " (Nederlands → Frans) :

Bij een arrest van 11 december 2014 heeft het Hof van Cassatie overigens geoordeeld :

Par un arrêt du 11 décembre 2014, la Cour de cassation a du reste jugé :


Bij een arrest van 12 oktober 2015 heeft het Hof van Cassatie trouwens geoordeeld :

Par un arrêt du 12 octobre 2015, la Cour de cassation a d'ailleurs jugé :


Bij een arrest van 7 april 2008 heeft het Hof van Cassatie evenwel geoordeeld : « Krachtens artikel 82, § 3, eerste lid, wordt de door de werkgever in acht te nemen opzeggingstermijn, wanneer het jaarlijks loon van de bediende het in die bepaling voorgeschreven bedrag overschrijdt, vastgesteld hetzij bij overeenkomst, gesloten ten vroegste op het ogenblik waarop de opzegging wordt gegeven, hetzij door de rechter.

Par un arrêt du 7 avril 2008, la Cour de cassation a néanmoins jugé : « En vertu du premier alinéa dudit article 82, § 3, le délai de préavis à observer par l'employeur lorsque la rémunération annuelle de l'employé excède le montant prévu à cette disposition est fixé, soit par convention conclue au plus tôt au moment où le congé est donné, soit par le juge.


Op 8 maart 2013 heeft het Hof van Cassatie drie arresten gewezen in verenigde kamers.

Trois arrêts ont été rendus le 8 mars 2013 par les chambres réunies de la Cour de cassation.


Bij zijn arrest van 18 oktober 2013 (Arr. Cass., 2013, nr. 532) heeft het Hof van Cassatie geoordeeld dat « de toepassing van die bepaling [artikel 82, tweede lid] zich [uitstrekt] tot de hypotheek die de echtgenote van de gefailleerde heeft toegestaan op een van haar eigen goederen, als waarborg voor de verbintenissen van laatstgenoemde ».

Par son arrêt du 18 octobre 2013 (Pas., 2013, n° 532), la Cour de cassation a jugé que « l'application de cette disposition [l'article 82, alinéa 2] s'étend à l'hypothèque consentie sur un de ses biens propres par le conjoint du failli, en garantie des engagements de ce dernier ».


Vanaf 2006 heeft het Hof van Cassatie geoordeeld dat, « in de mate een wettelijke of reglementaire norm een werkgever die optreedt als verzekeraar, verplicht sommen te betalen waarvan het bedrag groter is dan wat hij als werkgever zou hebben betaald voor gepresteerde diensten, [...] deze norm tot strekking [heeft] dat die sommen definitief ten laste blijven van die werkgever » en heeft het besloten dat het storten, door de openbare werkgever, van een rente wegens gedeeltel ...[+++]

A partir de 2006, la Cour de cassation a considéré que « le but de la loi ou du règlement qui oblige un employeur intervenant à titre d'assureur à débourser des sommes dont le montant est supérieur à celui qu'il aurait dû payer en tant qu'employeur pour des prestations de services, est de laisser ces sommes définitivement à charge de l'employeur » et a conclu que le versement par l'employeur public d'une rente pour incapacité de travail permanente partielle ne constitue « pas un dommage récupérable auprès du tiers responsable » (Cass. ...[+++]


Ondertussen heeft het Hof van Cassatie op 30 september 2015 in de kort geding procedure een arrest geveld, waarin zij stelt dat de middelen in cassatie niet gegrond zijn, zodat men terugvalt op het arrest van het Hof van Beroep te Brussel van 21 februari 2014, waar het Hof verklaard heeft dat het niet tot haar bevoegdheid behoort om over een dergelijke vordering van SIMIM en PLAYRIGHT te oo ...[+++]

Entre-temps, la Cour de Cassation a rendu un arrêt le 30 septembre 2015 dans la procédure en référé, dans lequel elle juge que les moyens en cassation ne sont pas fondés, de sorte que l'on retombe sur l'arrêt de la Cour d'Appel de Bruxelles du 21 février 2014, dans lequel la Cour a déclaré qu'il ne relève pas de sa compétence de se prononcer sur une telle action de SIMIM et PLAYRIGHT.


Aldus heeft het Hof van Cassatie geoordeeld dat « het arrest, dat oordeelt dat de verplichting van de brandweerlieden van de stad Dinant die een wachtdienst thuis verzekeren uitsluitend erin bestaat bereikbaar te zijn en ' zich klaar te houden om zich binnen een zeer korte termijn naar de kazerne te begeven ', zijn beslissing om die niet-actieve wachtdiensten niet te beschouwen als arbeidstijd, wettelijk verantwoordt » (Cass., 18 mei 2015, S.13.0024.F, eigen vertaling).

Ainsi, la Cour de cassation a jugé que « l'arrêt, qui considère que l'obligation des pompiers de la ville de Dinant qui assurent une garde à domicile est uniquement de pouvoir être joints et de ' se tenir prêts à se présenter à la caserne dans un délai très court ', justifie légalement sa décision de ne pas considérer ces gardes inactives comme du temps de travail » (Cass., 18 mai 2015, S.13.0024.F).


Verwijzend naar de artikelen 2, punt 4, 3, lid 4, en 9, lid 3, van het Verdrag van Aarhus en naar artikel 3 van de voorafgaande titel van het Wetboek van strafvordering heeft het Hof van Cassatie geoordeeld dat indien een rechtsvordering tot herstel van schade veroorzaakt door een misdrijf wordt ingesteld door een rechtspersoon die zich krachtens zijn statuten tot doel heeft gesteld de milieubescherming te bevorderen en ertoe strekt het met de bepalingen van het nationale milieurecht strijdig geacht handelen en nalaten van privéperson ...[+++]

Se référant aux articles 2, point 4, 3, paragraphe 4, et 9, paragraphe 3, de la Convention d'Aarhus et à l'article 3 du titre préliminaire du Code de procédure pénale, la Cour de cassation a jugé que lorsqu'une action en réparation d'un dommage causé par une infraction est introduite par une personne morale qui, en vertu de ses statuts, a pour objectif la protection de l'environnement et vise à contester les agissements et les négligences de personnes privées et instances publiques jugés contraires aux dispositions du droit de l'environnement national, cette personne morale satisfait à cette condition de recevabilité relative à l'intérêt ...[+++]


Hoewel er veel discussie bestaat over de jurisdictie van de Belgische justitie voor wat betreft buitenlandse dienstenaanbieders op het internet, heeft het Hof van Cassatie in de zaak tegen Yahoo geoordeeld dat dienstenaanbieders gebonden zijn aan de vigerende wetgeving in het land waar ze hun diensten aanbieden, ongeacht waar ze gelokaliseerd zijn.

Bien que la compétence de la Justice belge en ce qui concerne les fournisseurs de services étrangers sur Internet soit matière à discussion, la Cour de Cassation a, dans l'affaire Yahoo, jugé que les fournisseurs de services sont tenus de respecter la législation en vigueur dans le pays où ils offrent leurs services, indépendamment de leur localisation.




datacenter (28): www.wordscope.be (v4.0.br)

'heeft het hof van cassatie overigens geoordeeld' ->

Date index: 2021-07-14
w