2. veroordeelt met klem de herhaaldelijke verklaringen door de Hongaarse premier Viktor Orbán als aanzet tot een debat over de mogelijke herinvoering van de doodstraf in Hongarije, waarbij een concept dat volledig indruist tegen de waarden waarop de Unie is gegrondvest, geïnstitutionaliseerd en aangeprezen wordt; betreurt dat een regeringsleider van een lidstaat opzettelijk de eerbiediging van de menselijke waardigheid en de mensenrechten in twijfel trekt door een dergelijke discussie aan te zwengelen, wat voornamelijk wordt ingegeven door interne politieke beweegredenen;
2. condamne fermement les déclarations répétées de Viktor Orban visant à susciter un débat sur le rétablissement éventuel de la peine de mort en Hongrie et par là même à institutionnaliser et à alimenter un concept en violation flagrante des valeurs sur lesquelles l'Union est fondée; déplore le fait que le chef de gouvernement d'un État membre remette délibérément en question le respect de la dignité humaine et des droits de l'homme en ouvrant un tel débat, lequel est principalement motivé par des objectifs de politique interne;