Zij zijn bijgevolg zowel verplicht artikel 458 van het Strafwetboek na te leven waarin wordt bepaald dat het beroepsgeheim moet worden geëerbiedigd, als artikel 29 van het Wetboek voor Strafvordering waardoor zij gehouden zijn «van een misdaad of een wanbedrijf waarvan zij in de uitoefening van hun ambt kennis krijgen, dadelijk bericht te geven aan de bevoegde instanties».
Ils sont tenus de respecter à la fois l'article 458 du Code pénal qui les oblige à respecter le secret professionnel et l'article 29 du Code d'instruction criminelle, qui les oblige à dénoncer à l'autorité les crimes et délits dont ils ont connaissance.