11. hält eine uneingeschränkte Zuverlässigkeitserklärung ohne erhebliche Verbesserungen bei der Implementierung der Überwachungs- und Kontrollsysteme in den Mitgliedstaaten für unmöglich, und bedauert, dass die Kritik am EU-Haushalt und an der Art und Weise, wie die Gelder von „Brüssel“ verwendet werden, unter den derzeitigen Umständen anhalten wird;
11. beschouwt een betrouwbaarheidsverklaring zonder voorbehoud als onmogelijk zonder wezenlijke verbeteringen in de toezicht- en controlesystemen van de lidstaten en betreurt dat de kritiek op de begroting van de Europese Unie en de manier waarop 'Brussel' de middelen gebruikt, onder de gegeven omstandigheden zal blijven duren;