13. erkennt an, dass das Ruhestandsalter für Frauen und Männer angepasst werden muss, um der gestiegenen Lebenserwartung Rechnung zu tragen, wobei der Zugang zu lebenslangem Lernen und die Vereinbarkeit von Berufs-, Familien- und Privatleben verbessert und das aktive Altern unterstützt wird;
13. erkent dat het noodzakelijk is de pensioengerechtigde leeftijd voor vrouwen en mannen aan te passen teneinde rekening te houden met de stijging van de levensverwachting, en tegelijkertijd de toegang tot "een leven lang leren" te verbeteren, de combinatie van werk, gezin en privéleven te faciliteren en het actief ouder worden te bevorderen;