(4) Ein in Absatz 1 genanntes Dokument oder eine in Absatz 2 genannte Bescheinigung dürfen bei ihrer Vorlage nicht älter als drei Monate sein.
4. Het in lid 1 bedoelde document en het in lid 2 bedoelde certificaat worden niet aanvaard, indien zij meer dan drie maanden vóór de overlegging ervan zijn afgegeven.