"(5a) Werden die gemäß Artikel 9 als verkauft erklärten Fischereierzeugnisse an einen anderen Ort verbracht als den Anlande- oder Einfuhrort, so muß das Transportunternehmen jederzeit auf der Grundlage eines Dokuments nachweisen können, daß ein Verkauf tatsächlich erfolgt ist". d) erhält Absatz 6 folgende Fassung:
"5 bis. Wanneer de visserijproducten die overeenkomstig artikel 9 als verkocht zijn opgegeven, naar een andere plaats dan de plaats van aanvoer of van invoer worden vervoerd, moet de vervoerder op elk willekeurig moment op basis van een document kunnen bewijzen dat de producten daadwerkelijk zijn verkocht".