2.2.2° Der in Anhang I Teil B Nr. 2. 2.1 der Verordnung erwähnte Umstellungszeitraum wird bei Geflügel für die Eiererzeugung auf 12 Wochen erhöht und bei Kaninchen auf 4 Monate, bei Straussen auf 8 Monate und bei Hirschen auf 12 Monate festgelegt.
2.2.2° De omschakelingsperiode bedoeld in punt 2.2.1 van bijlage I. B bij de Verordening is teruggebracht op 12 weken voor pluimvee bestemd voor de eierproductie, en vastgelegd op 4 maanden voor konijnen, op 8 maanden voor struisvogels, en op 12 maanden voor hertachtigen.