Boost Your Productivity!Translate documents (Ms-Word, Ms-Excel, ...) faster and better thanks to artificial intelligence!
https://pro.wordscope.com
https://blog. wordscope .com

Vertaling van "entscheid nr 147 2012 " (Duits → Nederlands) :

Auszug aus dem Entscheid Nr. 147/2017 vom 21. Dezember 2017

Uittreksel uit arrest nr. 147/2017 van 21 december 2017


Auszug aus dem Entscheid Nr. 147/2016 vom 17. November 2016

Uittreksel uit arrest nr. 147/2016 van 17 november 2016


Dieser Umstand kann die Schlussfolgerung, zu der der Gerichtshof in seinem vorerwähnten Entscheid Nr. 147/2013 gelangt ist, nicht ändern.

Die omstandigheid kan de conclusie waartoe het Hof in zijn voormelde arrest nr. 147/2013 is gekomen, niet wijzigen.


In seinem Entscheid Nr. 147/2013 vom 7. November 2013 hat der Gerichtshof für Recht erkannt: « Artikel 318 § 1 des Zivilgesetzbuches verstößt gegen Artikel 22 der Verfassung in Verbindung mit Artikel 8 der Europäischen Menschenrechtskonvention, insofern die vom Kind eingereichte Vaterschaftsanfechtungsklage nicht zulässig ist, wenn das Kind den Besitz des Standes hinsichtlich des Ehemannes seiner Mutter hat ».

Bij zijn arrest nr. 147/2013 van 7 november 2013 heeft het Hof voor recht gezegd : « Artikel 318, § 1, van het Burgerlijk Wetboek schendt artikel 22 van de Grondwet, in samenhang gelezen met artikel 8 van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, in zoverre de door het kind ingestelde vordering tot betwisting van het vaderschap niet ontvankelijk is wanneer het kind bezit van staat heeft ten aanzien van de echtgenoot van zijn moeder ».


Diese Kontrolle kann also weder einer materiellrechtlichen Kontrolle, noch einer verfahrensrechtlichen Kontrolle der Verfassungsmäßigkeit von Gesetzesbestimmungen gleichgestellt werden, sondern stellt eine durch das Recht der Europäischen Union vorgeschriebene vorherige Prüfung der Einstufung des angefochtenen Gesetzgebungsaktes dar » (Entscheid Nr. 144/2012, B.13; siehe ebenfalls Entscheid Nr. 29/2014, B.9).

Die controle kan dus noch met een materiële toetsing, noch met een procedurele toetsing van de grondwettigheid van wetskrachtige bepalingen worden gelijkgesteld, maar vormt een voorafgaand onderzoek, opgelegd bij het recht van de Europese Unie, van de kwalificatie van de bestreden wetgevingshandeling » (arrest nr. 144/2012, B.13; zie eveneens arrest nr. 29/2014, B.9).


In seinem Entscheid Nr. 159/2012 vom 20. Dezember 2012 hat der Gerichtshof geurteilt, dass angesichts der Merkmale der Globalgenehmigung « der wallonische Dekretgeber davon ausgehen [konnte], dass das Verfahren zur Erteilung oder zur Verweigerung der Globalgenehmigung sich von dem Verfahren unterscheidet, das zur Erteilung oder Verweigerung einer Städtebaugenehmigung führt ».

Bij zijn arrest nr. 159/2012 van 20 december 2012 heeft het Hof geoordeeld dat, gelet op de kenmerken van de unieke vergunning, « de Waalse decreetgever [vermocht] ervan uit te gaan dat de procedure voor de afgifte of de weigering van de unieke vergunning verschilt van de procedure die leidt tot de afgifte of weigering van een stedenbouwkundige vergunning ».


Die Nichtigkeitsklagen wurden durch den Entscheid Nr. 217. 307 vom 19. Januar 2012 beziehungsweise den Entscheid Nr. 217. 682 vom 2. Februar 2012 abgewiesen.

De beroepen tot nietigverklaring werden respectievelijk verworpen bij arrest nr. 217.307 van 19 januari 2012 en arrest nr. 217.682 van 2 februari 2012.


In seinem Entscheid Nr. 8/2012 vom 18. Januar 2012 hat der Gerichtshof geurteilt, dass, wenn im Reorganisationsplan eine differenzierte Begleichung bestimmter Kategorien von Schuldforderungen vorgesehen ist, das Handelsgericht prüfen muss, ob für diese differenzierte Begleichung eine vernünftige Rechtfertigung besteht.

Bij zijn arrest nr. 8/2012 van 18 januari 2012 heeft het Hof geoordeeld dat wanneer het reorganisatieplan voorziet in een gedifferentieerde regeling voor bepaalde categorieën van schuldvorderingen, de rechtbank van koophandel dient na te gaan of voor die gedifferentieerde regeling een redelijke verantwoording bestaat.


Moerman, E. Derycke, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul, F. Daoût, T. Giet und R. Leysen, unter Assistenz des Kanzlers F. Meersschaut, unter dem Vorsitz des Präsidenten J. Spreutels, erlässt nach Beratung folgenden Entscheid: I. Gegenstand der Vorabentscheidungsfragen und Verfahren In seinem Entscheid Nr. 229. 503 vom 9. Dezember 2014 in Sachen der Gemeinde Villers-le-Bouillet und anderer gegen die Wallonische Region, dessen Ausfertigung am 13. Januar 2015 in der Kanzlei des Gerichtshofes eingegangen ist, hat der Staatsrat folgende Vorabentscheidungsfragen gestellt: 1. « Verstößt Artikel L4211-3 § 5 des wallonischen Kodex der lokalen Demok ...[+++]

Moerman, E. Derycke, T. Merckx-Van Goey, P. Nihoul, F. Daoût, T. Giet en R. Leysen, bijgestaan door de griffier F. Meersschaut, onder voorzitterschap van voorzitter J. Spreutels, wijst na beraad het volgende arrest : I. Onderwerp van de prejudiciële vragen en rechtspleging Bij arrest nr. 229.503 van 9 december 2014 in zake de gemeente Villers-le-Bouillet en anderen tegen het Waalse Gewest, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 13 januari 2015, heeft de Raad van State de volgende prejudiciële vragen gesteld : 1. « Schendt artikel L4211-3, § 5, van het Waalse Wetboek van de plaatselijke democratie en de decentralisatie, dat werd ingevoegd bij het decreet van het Waalse Gewest van 19 december ...[+++]


Aufgrund von Artikel 31 des Dekrets vom 13. Juli 2012 werden die vorerwähnten Artikel 27 bis 29 wirksam mit 1. Januar 2011. In Bezug auf die erste Vorabentscheidungsfrage B.5. Der vorlegende Richter möchte zunächst vom Gerichtshof erfahren, ob Artikel 31 des Dekrets vom 13. Juli 2012 dadurch, dass diese Bestimmung den Artikeln 27 bis 29 desselben Dekrets Rückwirkung verleihe, auf diskriminierende Weise den Grundsatz der Rechtssicherheit, den Grundsatz des berechtigten Vertrauens, das Verbot der Rückwirkung und die materielle Rechtskraft des Entscheids Nr. 48/20 ...[+++]

De verwijzende rechter wenst in de eerste plaats van het Hof te vernemen of artikel 31 van het decreet van 13 juli 2012, doordat die bepaling terugwerkende kracht verleent aan de artikelen 27 tot 29 van hetzelfde decreet, op discriminerende wijze afbreuk doet aan het rechtszekerheidsbeginsel, het vertrouwensbeginsel, het verbod van retroactiviteit en het gezag van gewijsde van het arrest nr. 48/2012 en daardoor ook strijdig is met het eigendomsrecht, zoals gewaarborgd bij artikel 16 van de Grondwet, in samenhang gelezen met artikel 1 van het Eerste Aanvullend Protocol bij het Europees Verdrag voor de rechten van de mens.




datacenter (6): www.wordscope.be (v4.0.br)

'entscheid nr 147 2012' ->

Date index: 2021-08-21
w