65. unterstreicht erneut, dass von der Wirtschaft finanzierte Stellen keine Auswirkungen auf den Unionshaushalt haben und deshalb nicht von Stellenkürzungen betroffen sein sollten; betont, dass es den betroffenen Agenturen überlassen bleiben sollte, Schwankungen bei der Arbeitsbelastung dadurch auszugleichen, dass sie nicht alle ihnen zustehenden Stellen besetzen;
65. benadrukt eens te meer dat ambten die worden gefinancierd uit het bedrijfsleven geen gevolgen hebben voor de begroting van de Unie en bijgevolg niet onderworpen zijn aan een inkrimping van het personeelsbestand; benadrukt dat het aan het oordeel van het betrokken agentschap moet worden overgelaten om de fluctuerende werklast op te vangen door de posten waarover het beschikt al dan niet allemaal te bezetten;