2. Der Tierarzt, der den Ausweis ausstellt, zeichnet die in Absatz 1 Buchstaben a und b genannten Angaben auf und bewahrt sie für einen von der zuständigen Behörde zu bestimmenden Zeitraum auf, der drei Jahre ab dem Zeitpunkt der Ausstellung des Ausweises nicht unterschreiten darf.
2. De dierenarts die het identificatiedocument afgeeft, registreert de in lid 1, onder a) en (b), bedoelde informatie en bewaart die informatie gedurende een door de bevoegde autoriteit te bepalen periode van ten minste drie jaar na de datum van afgifte van het identificatiedocument.