(1) Etwaige mit Gründen versehene Anträge auf mündliche Verhandlung sind innerhalb von drei Wochen, nachdem die Bekanntgabe des Abschlusses des schriftlichen Verfahrens an die Parteien oder die in Artikel 23 der Satzung bezeichneten Beteiligten erfolgt ist, zu stellen.
1. De eventuele met redenen omklede verzoeken om een pleitzitting worden ingediend binnen een termijn van drie weken, te rekenen vanaf de betekening van de afsluiting van de schriftelijke behandeling aan de partijen en de in artikel 23 van het Statuut bedoelde belanghebbenden.