Door aan te geven dat de bescherming van vrouwen "getoetst aan het gelijkheidsbeginsel" rechtmatig is, plaatst het Hof het hier behandelde voorstel voor een richtlijn onbetwistbaar in de sfeer van het gelijkheidsbeginsel. De voorgestelde richtlijn kan dus niet los worden gezien van dit beginsel, in tegenstelling tot wat de auteurs van de amendementen suggereren.
En indiquant que cette protection des femmes est légitime sous l'angle du principe d'égalité de traitement, la Cour place incontestablement la proposition de directive à l'examen dans le contexte du principe d'égalité duquel, contrairement à ce que suggèrent les auteurs des amendements, elle ne peut être dissociée.