4° het vermogen van de soort of habitat om zich, nadat de verontreiniging is gebeurd binnen een korte periode en zonder ander ingrijpen dan het instellen van striktere beschermingsmaatregelen te herstellen tot een toestand die uitsluitend op basis van de dynamiek van de soort of habitat leidt tot een toestand die gelijkwaardig of beter wordt geacht dan de referentietoestand.
4° la faculté de l'espèce ou de l'habitat de se rétablir, en un temps limité après la survenance de la pollution, sans autre intervention que la prise de mesures de protection plus strictes, en un état conduisant du fait de la seule dynamique de l'espèce ou de l'habitat à un état jugé équivalent à l'état initial ou meilleur.