De Europese Groep internationaal privaatrecht stelt voor in artikel 4, lid 3, een bepaling op te nemen betreffende vakantieverhuring, welke geïnspireerd is op die in artikel 22, lid 1, van de verordening "Brussel I" en die als volgt zou kunnen luiden: "De huur en verhuur, pacht
en verpachting van onroerende goederen voor tijdelijk particulier gebruik voor ten hoogste zes opeenvolgende maanden wordt evenwel beheerst door het recht van het land waar de eigenaar zijn gewone verblijf- of vestigingsplaats heeft, mits d
...[+++]e huurder of pachter een natuurlijke persoon is en zijn gewone verblijfplaats heeft in hetzelfde land" [54].