Le matériel corporel prélevé avant l'entrée en vigueur de la loi peut faire l'objet d'une application humaine après l'entrée en vigueur de celle-ci, pour autant que les dispositions du projet, à l'exception des articles 9 (le consentement préalable), 11 (le consentement en cas de décès), 19 (consentement pour utilisation secondaire) et 20 (consentement pour utilisaiton secondaire) soient respectées.
Het lichaamsmateriaal dat is weggenomen vóór de inwerkingtreding van de wet, mag na de inwerkingtreding ervan het voorwerp uitmaken van een toepassing op de mens, voor zover de bepalingen van het ontwerp met uitzondering van de artikelen 9 (de voorafgaande toestemming), 11 (toestemming in geval van overlijden), 19 (toestemming voor secundair gebruik), en 20 (toestemming voor secundair gebruik) worden nageleefd.