Gemäß der Verordnung (EU) Nr. 1024/2013, insbesondere Artikel 20 Absatz 8 der Verordnung, sollten der Vorsitzende und der stellvertretende Vorsitzende des federführenden Ausschusses des Europäischen Parlaments bei solchen Beschlüssen aber die Möglichkeit haben, um eine vertrauliche mündliche Aussprache mit der EZB zu ersuchen.
Op grond van Raadsverordening (EU) nr. 1024/2013, en met name artikel 20, lid 8, daarvan, stelt hij zich echter op het standpunt dat de voorzitter en ondervoorzitters van de bevoegde commissie van het Europees Parlement in de gelegenheid moeten worden gesteld, om een vertrouwelijke mondelinge bespreking met de ECB over dergelijke besluiten te verzoeken.